Onze leerlingen krijgen altijd de begeleiding die ze nodig hebben. Dat begint in de klas en bij de leraar. We gebruiken daarvoor een speciale methode: Werken naar Onderwijsbehoefte.

De mentor

Elke klas heeft een mentor, dat is een leraar met speciale zorg en aandacht voor die klas. De mentor oefent bijvoorbeeld studievaardigheden met de klas. De mentor is ook de eerste contactpersoon voor u. 

Werken naar Onderwijsbehoefte

De methode Werken naar Onderwijsbehoefte (WnO) zet de leerling centraal. We kijken wat de leerlingen nodig heeft om goed te kunnen leren. Veel uitleg nodig of juist weinig? Rust of juist niet? Samenwerken of liever ook tijd voor zichzelf? We houden rekening met al die dingen. In elke les en bij elke docent.

Studiekeuzebegeleiding

Misschien lijkt het nu nog ver weg, maar aan het eind van hun schoolperiode doen leerlingen examen. En kiezen ze een vervolgstudie. Dat is niet altijd even makkelijk. Mentoren en decanen helpen leerling om een keuze te maken voor een bepaalde richting of opleiding. Ook begeleiden ze hen bij de voorbereiding op het examen en het traject daarna. 

Meer nodig?

Heeft uw zoon of dochter meer nodig dan de begeleiding die we in de klas bieden? Dan kan dat.

Trainingen
We bieden verschillende trainingen aan. Bijvoorbeeld de cursus faalangstvermindering, een sociale vaardigheidstraining, of een examenvreestraining.

Zorg
Soms maakt een mentor zich zorgen over een leerling. En kan hij zelf onvoldoende doen om dat op te lossen. Dan kan de mentor de leerling aanmelden bij de ondersteuningscoördinator. Dit doet hij in overleg met andere docenten en de afdelingsleider. Samen besluiten ze of ze de leerling doorverwijzen naar Scala of naar een externe specialist (bijvoorbeeld een jeugdarts). Ook geeft de ondersteuningscoördinator aan de docenten aan door wie de leerling het beste verder geholpen kan worden. Voor leerlingen en ouders blijft de mentor het eerste aanspreekpunt.

Dyslexie
Dyslexie betekent letterlijk: niet kunnen lezen. Voor een leerling met dyslexie is lezen en schrijven erg moeilijk. Veel moeilijker dan bij een klasgenoot die even intelligent is. Dyslexie verdwijnt niet, ook niet na veel oefenen. Daarom hebben dyslectische leerlingen recht op begrip en begeleiding.

Heeft een leerling al lang veel moeite met lezen en schrijven? En helpen bijles en andere hulp niet? Dan kunnen we hem laten testen. Als uit de eerste test blijkt dat een leerling misschien dyslectisch is, verwijzen we hem naar Scala. Scala doet nog meer tests, in overleg met u. Als blijkt dat de leerling inderdaad dyslexie heeft, krijgt hij een dyslexieverklaring. Leerlingen met een dyslexieverklaring krijgen een dyslexiepas. Hierop staan welke hulpmiddelen zij mogen gebruiken.